'Een oververhitte reactie werkt meer terrorisme in de hand'

Hoe moeten we omgaan met mogelijk radicale moslims na de aanslag op Charlie Hebdo? Een klopjacht werkt averechts, menen politicologen in een debat over de gevolgen van de aanslag.

Gehaaste reactie media

Media reageren direct en dus gehaast op gebeurtenissen, stelt discussieleider Daniel Thomas, hoogleraar Internationale Betrekkingen, aan het begin van het debat op 4 februari op de Faculteit Sociale Wetenschappen. ‘Het is essentieel dat wij wel de tijd nemen om te reflecteren en de gebeurtenissen in perspectief plaatsen.’


Radicalisering moeilijk te voorspellen

Als eerste aan zet is de Franse politicoloog Francesco Ragazzi, die onderzoek deed naar radicalisering onder jongeren in de voorsteden van Parijs. Zijn conclusie: ‘Je kunt niet eenvoudig voorspellen wie radicaal wordt, laat staan gewelddadig.’ Daarom zet hij zijn vraagtekens bij de oproep aan docenten om radicaliserende jongeren in de dop te spotten. ‘Laatst werd een 8-jarig jongentje openlijk door zijn docent aangewezen als radicaal. We moeten uitkijken dat we niet een samenleving creëren waarin we constant denken dat de vijand in ons midden is.’

Gevangenissen kweekvijvers terrorisme

Ragazzi merkt op dat de Franse politie sinds de aanval in Parijs heel veel mensen heeft opgepakt die beschouwd worden als radicale moslims. Maar het te snel arresteren en opbergen in gevangenissen werkt juist averechts, meent Ragazzi. ‘Gevangenissen bieden geen maatschappelijke hulp meer en zijn juist kweekvijvers van terrorisme.’


Vrijheid van meningsuiting ontaardt in blasfemie

Politiek filosoof Paul Nieuwenburg stelt dat we zélf moeten oppassen voor radicalisering. ‘De vrijheid van meningsuiting wordt tegenwoordig teveel gezien als een absoluut recht. Dat is gevaarlijk in deze wereld met internet waar één opinie voor wereldwijd gevaarlijke situaties kan zorgen. Vrijheid van meningsuiting is bedoeld als middel om in discussie met elkaar op zoek te gaan naar de waarheid. We moeten daar verantwoordelijk mee omgaan. Het moet geen blasfemie worden.’

Wet naleven

Maar hoe en wanneer moet die vrijheid dan aan banden worden gelegd, wil een studente weten. Nieuwenburg: ‘De grens ligt bij bij blasfemie en geweld of het dreigen daarmee. Dat is allemaal verboden bij wet en we moeten toezien op naleving. Daarnaast kunnen ook demonstraties verboden worden die een hoog risico hebben op een gewelddadige afloop.’


Selectieve verontwaardiging

Een politicologiedocent wijst op selectieve verontwaardiging: ‘Er kunnen hele harde grappen gemaakt worden over moslims, maar als ik een verschrikkelijke grap over vrouwen of Joden zou maken zou dat het eind van mijn carrière betekenen.’ Nieuwenburg: ‘Ik keur selectiviteit ook af.’

Media: minder clash of civilisations

Rebekah Tromble aan het woord

Rebekah Tromble aan het woord

De Amerikaanse Rebekah Tromble, die onderzoek doet naar politieke communicatie, signaleert echter ook een positieve ontwikkeling in de berichtgeving van de media. Ze vergelijkt de wereldwijde reacties op de Charlie Hebdo-aanslagen met de Deense cartoonrellen in 2006 (een Deense cartoonist werd met de dood bedreigd toen hij een sportprent maakte van de profeet, red.). Tromble: ‘De media brachten het toen als een clash of civilisations, tussen de achterlijke moslimgemeenschappen en de ontwikkelde westerse wereld. Dat is nu anders. De meeste media, zowel in westerse landen als in moslimlanden, laten veel verschillende opinies horen en vanuit verschillende perspectieven.'


Klopjacht op gijzelaars

Van links naar rechts: Francesco Ragazzi, Rebekah Tromble, Paul Nieuwenburg en Daniel Thomas

Van links naar rechts: Francesco Ragazzi, Rebekah Tromble, Paul Nieuwenburg en Daniel Thomas

Een studente vraagt Tromble wat zij vindt van de extreme mediaverslaggeving van de klopjacht op de Franse gijzelaars. Over dat aspect is ze niet positief. ‘De druk van de media om elke minuut iets nieuws te brengen leidt tot stupiditeit. Ze weten niet meer wat ze moeten zeggen en gaan dan onzin uitkramen.’


Beeldvorming jihadisten

Een andere student merkt op dat hij zich stoort aan de beeldvorming over jihadisten. ‘Ze worden nu allemaal als terroristen gezien, terwijl velen van hen burgers willen beschermen tegen het moorddadige regime in Syrië.’ Ook Ragazzi hekelt die eenzijdige bejegening. ‘Veel jihadisten die terug komen, walgen van wat ze gezien hebben. Hen vervolgens naar de gevangenis sturen, maakt het allemaal erger. Een oververhitte reactie werkt meer terrorisme in de hand.’


Terrorisme als rationele keuze

Hij wijst op een ander belangrijk punt. Tegenwoordig worden terroristen door de media en de publieke opinie meestal direct bestempeld ‘als gekken die ontspoord zijn’. Dit belet dat we terrorisme beter leren begrijpen. ‘Terrorisme kan ook als een rationale keuze worden gezien die voortvloeit uit een groot ongenoegen. Moslims in Frankrijk bevinden zich vaak op de bodem van de samenleving. Frankrijk voert oorlog in de moslimlanden Syrië en Mali. Jihadrecruiters hoeven niet eens te liegen: er worden overal onschuldige moslimkinderen gedood.’

Deradicalisering is industrie geworden

Het debat eindigt met de vraag in hoeverre deradicalisering te sturen is. De politicologen zijn sceptisch. Tromble: ‘Deradicalisering begint een industrie te worden. Er zijn allemaal sprekers en trainers die beweren dat zij wel even mensen kunnen deradicaliseren. Het is in hun eigen belang dat te zeggen, ze krijgen er geld voor.’ Het debat is al afgelopen als Raggazi nog opmerkt. ‘Ik geloof er niet in dat je mensen kunt stoppen en hen iets anders kunt laten geloven. We moeten ze er wel van proberen te overtuigen geen geweld te gebruiken. En we moeten vooral de structurele condities proberen te veranderen die terrorisme in de hand werkt. Dat betekent iedereen eerlijke kansen geven en mensen de ruimte geven om gehoord te worden. Zonder dat ze meteen als radicaal worden weggezet.’

(5 februari 2015 - LvP)

Zie ook

Studeren in Leiden

Bachelor
Politicologie

Master
Political Science

Laatst Gewijzigd: 09-02-2015